vierkantje 20 jaar na de val van de muur - een terugblik
vertaling: Trees van Montfoort

De jaren tachtig in de DDR waren zeer intensief voor mij. Ik was getrouwd, had twee schoolgaande zonen en was werkloos. Een deel van de tijd was ik betrokken bij de katholieke kerk, leidde een vrouwengroep, een grote leesgroep en begeleidde weekeinden van  alleenstaande ouders met hun kinderen.
Halverwege die jaren kwam er steeds meer kritiek op patriarchale overheersing in kerk en maatschappij. Thema's als de gevolgen van het reactorongeluk in Tsjernobyl, milieuvervuiling, verzet tegen de wapenwedloop ('zwaarden tot ploegscharen'), kritiek op de opvoeding op scholen en    kinderdagverblijven ('opvoeding tot haat'), en strijd rond vervangende dienstplicht kwamen ook ter sprake in de katholieke kerk, maar leidden niet tot activiteiten. Je las erover.

Opstandig
Toch had ik me aangesloten bij een vrouwengroep in een kleine parochie in een voorstad van Magdeburg. Ter voorbereiding op een bijeenkomst van katholieken in 1987 in Dresden hielden zij zich op onconventionele wijze bezig met zeventien teksten uit het Nieuwe Testament. Ze wilden ontdekken waar en hoe vrouwen voorkomen in het door mannen geschreven en eeuwenlang alleen door hen uitgelegde 'boek der boeken'. En wat dat zou betekenen voor vrouwen zelf, voor hun godsbeeld maar ook voor het samenleven van vrouwen en mannen in kerk en maatschappij in de toekomst. 'Leven in heelheid' was niet enkel een motto. Het bracht ons tot het inzicht dat vrouwen niet toegefelijk moesten zijn omwille van de lieve vrede, overeenkomstig de traditionele clichés.
Ze dienden opstandig te zijn als het om haar overtuigingen gaat als verantwoordelijke personen. (Theresia Hauser, spreekster op het Frauenforum 1987, Dresden).
Natuurlijk klonk hier ook de politieke explosiviteit van Jezus woorden door, die zich niet meer onder het tapijt liet vegen. Deze en nog vele andere inzichten vonden nadien weinig weerklank in de kerk. De resultaten van de werkgroepen werden geminimaliseerd, verzwegen of belachelijk gemaakt. Juist de stimulerende geestelijk kracht van vrouwen om zich zelf op de bijbel te oriënteren en te ervaren dat vrouwen geen tweederangs mensen zijn die in de kerk onzichtbaar zouden moeten zijn, werd naar de privésfeer verwezen. De katholieke pers hield zich ofwel helemaal niet met het vrouwenforum bezig of alleen met de moederrol. En de officiële kerk zweeg. Toch was het engagement van de vrouwen - ook die uit Düsseldorf die ons lang gesteund hebben - niet tevergeefs. In 1989 werd in Magdeburg nog een nieuwe katholieke vrouwengroep gevormd.

Vervangende dienstplicht
In 1986 raakte ik tegelijkertijd betrokken bij een groep 'Vrouwen voor vrede'. Dat werd mijn zwaartepunt. Want ik wilde niet dat mijn zonen die waanzinnige opleiding in het DDR-leger zouden moeten doormaken en als gebroken jonge mannen thuis zouden komen. De basisopleiding van het leger had een vreselijk slechte naam, daarom zette ik mij in voor de invoering van vervangende dienstplicht. Daarbij was ik me ervan bewust dat door mijn politieke activiteiten mijn zonen hoogstwaarschijnlijk noch tot het eindexamen, noch tot een studie zouden worden toegelaten.
Wat inderdaad gebeurde.
We bereidden de DDR-brede bijeenkomst voor van groepen 'Vrouwen voor vrede' in 1987 in Magdeburg.  Als uitgangspunt namen we stellingen van Dorothee Sölle ( "...het leven kiezen is het vermogen geen genoegen te nemen met de vanzelfsprekende verstoring van het leven die ons omgeeft en met het vanzelfsprekende cynisme dat ons begeleidt..."), citaten van Christa Wolf en Rosa Luxemburg en stellingen van Horst Eberhard Richter over geweldloos verzet.
De voorstellen die daar gedaan werden, waren niet alleen voor binnenkerkelijk gebruik, maar golden voor ons als niet-onderhandelbare actiepunten. Want we wisten hoe urgent de problemen waren en hoe nuttig het verbinden van politiek, poëzie en geloof voor ons gebleken was. Er werden mensen gevangen genomen, maar dat ontmoedigde ons niet. Het ging om niets minder dan maatschappelijke vernieuwing, democratie, vrede en naleving van mensen- en vrouwenrechten - voor een schoon milieu en de toekomst van onze kinderen.
In die tijd zette de Evangelische Akademie (vert: een studie- en conferentiecentrum van de Evangelische Kerk) zich sterk in voor maatschappelijke vernieuwing. Ze bood ondersteuning aan oppositionele vredes- en milieugroepen en stond aan de wieg van het burgerinitiatief Neues Forum  (vert: dat een belangrijke rol zou gaan spelen bij de Wende). Nog tot diep in de jaren negentig organiseerde de de Evagelische Akademie onder leiding van Heidemarie Wüst vele feministische vrouwenbijeenkomsten, die het thema 'vrouw en kerk' zichtbaar maakten.

VN-verdrag in beide delen van Duitsland
We probeerden het VN-verdrag tegen discriminatie van vrouwen uit 1979 (CEDAW - TvM) openbaar te maken. Dat verdrag was zowel door de DDR als door de Bondsrepubliek geratificeerd. Beide delen van Duitsland hadden er echter belang bij dit document niet te publiceren.
De DDR-politici vanwege het 'recht op vrijheid van reizen' dat erin beschreven was, de Bondsrepubliek vanwege het 'recht op arbeid en onderwijs' en 'bescherming tegen uitbuiting door prostitutie'. Beide staten reageerden zeer terughoudend op ons verzoek.
Tot op de dag van vandaag moet de Bondsrepubliek het internationale recht nog in Duits recht omzetten om met landelijk emancipatiebeleid de rechten van vrouwen en meisjes te beschermen.
Er blijft nog veel werk te doen.
Van december 1989 tot februari 1990 vertegenwoordigde ik onze  vrouwenorganisatie bij de politieke rondetafelgesprekken in de stad. Hier werden aanbevelingen van de Berlijnse centrale ronde tafel overgenomen, bijvoorbeeld voor het aanstellen van emancipatiemedewerksters in het stadsbestuur. Toen ik voor deze baan werd aangenomen, werd ik van onafhankelijke en politiek zelfstandig handelende vrouw tot deel van het systeem. Ik leerde de grenzen van het bestuurlijke handelen en van het nieuwe partijsysteem te accepteren. Niet altijd tot mijn vreugde, maar het kon niet anders.

16-urendag
Er is nog altijd veel te doen om vrouwen en mannen bewust te maken dat de heelheid van ons leven een politiek dimensie heeft en dat we daarvoor moeten blijven strijden. Ook voor vrouwen geldt dat we net als toentertijd niet in een feministisch paradijs leven. Weliswaar is er veel bereikt, maar genderrechtvaardigheid is er nog lang niet. Zo spreekt de Duitse Vrouwenraad van een "fundamentele discriminatie". Want uit het EU-verslag over gelijke kansen van vrouwen en mannen uit 2007 blijkt dat vrouwen in Europa gemiddeld 15% minder verdienen dan mannen, in Duitsland 20% minder. In de sectoren met de laagste lonen werkt 29,6% van alle vrouwelijke werknemers, tegen 12,6% van de mannelijke. Met als gevolg een enorme armoede onder oudere vrouwen die in de komende jaren alleen maar zal toenemen.
De filosofe Frigga Haug pleit voor een 16-uren dag voor iedereen: vier uur voor betaald werk, vier uur voor huishoudelijk werk, vier uur voor vorming en cultuur en vier uur voor politieke participatie.

Editha Beier
Emancipatiemedewerkster van de stad Magdeburg

november 2009

Terug