Deugdelijke dames
Jaconelle Stas-Schuffel en Marga Haas kijken naar de zeven deugden zoals Giotto ze schilderde in de Scrovegni-kapel in Padua.De vijfde deugd is: Karitas, de liefde of liefdadigheid
Marga Haas: ‘Wat mij direct opvalt, is de enorme dynamiek van dit beeld. Er zit een beweging in deze vrouw, van rechtsboven naar linksonder. Wat ik erg grappig vind, is God, die daar als handpop over de rand van de poppenkast hangt.’
Jaconelle Stas-Schuffel: ‘Ja, dat is ook bijzonder, dat Giotto ook God afbeeldt. Zie je hoe liefdevol Karitas haar hemelse Vader aankijkt?’
MH: ‘Ja, maar dát snap ik ook wel. Tenminste, ik weet niet precies wat dat is, wat ze krijgt van God, maar het is duidelijk iets om dankbaar voor te zijn.’
JSS: ‘Zie jij erin dat ze iets van God ontvangt? Daar denken de kenners anders over. Maar vertel eens verder.’
MH: ‘Wel, wat ik erin zie, is dat Karitas iets ontvangt van God, en dat verzamelt in de schaal die ze in haar rechterhand heeft. Die schaal, die reikt ze als het ware aan aan de wereld. Die beweging die me opviel, die gaat van God uit, via Karitas, naar andere mensen.’
JSS: ‘Dan is het dus één doorgaande beweging.’
MH: ‘Ja. En even doorgefilosofeerd: je kunt je aardse goederen op verschillende manieren ervaren. Je kunt ze zien als op eigen kracht gewonnen. Maar je kunt ze ook zien als door God gegeven. En als je er zó tegenaan kijkt, is het veel eenvoudiger om te delen met anderen. Juist omdat ze jou ook al gegeven waren en het eerste “eigendomsrecht” dus bij God ligt en niet bij jou.’
JSS: ‘Wat spannend! Jij haalt er iets heel anders uit dan de iconografen.’
MH: ‘Wat zeggen die dan?’
JSS: ‘Die zien twee bewegingen waarmee de twee soorten liefde uit het dubbelgebod van Mattheüs worden uitgebeeld: de liefde tot God en de naastenliefde. Denk maar aan bijvoorbeeld de wetgeleerde die Jezus vraagt: “Meester, wat is het grootste gebod in de wet?” Jezus antwoordt dan: “Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand. Dat is het grootste en eerste gebod. Het tweede is daaraan gelijk: heb uw naaste lief als uzelf. Deze twee geboden zijn de grondslag van alles wat er in de Wet en de Profeten staat.” (Mt. 22: 36-40) Symbool voor de naastenliefde of wereldlijke liefdadigheid is de schaal waarop korenaren, bloemen, granaatappels en andere vruchten liggen. Giotto combineert hier twee gebruikelijke attributen van Karitas: een hoorn des overvloeds en een schaal fruit. Met de andere beweging van de vrouw beeldt Giotto de liefde voor God uit. Karitas ontvángt niet iets van God, zij gééft hem iets. En wel haar hart. Volgens het vers dat onder de afbeelding staat, doet ze dit in stil gebed.’
MH: ‘Dus de beweging is precies andersom!’
JSS: ‘Naar God toe wel, ja.’
MH: ‘En die zakken aan haar voeten, dan? Ik zie daar haar overvloed in, die klaar ligt om weggegeven te worden.’
JSS: ‘Ja, dat klopt met jouw interpretatie. Maar Giotto zegt hier iets anders mee. Die geldzakken zijn het attribuut van gierigheid.’
MH: ‘Wat doen die bij Karitas?’
JSS: ‘Ze staat erop. Ze vertrapt ze. Zo laat ze zien dat zij de gierigheid bestrijdt. Alsof ze wil zeggen: liefde en liefdadigheid bieden het ware geluk; die is niet te vinden in aardse rijkdom.’
Jaconelle Stas-Schuffel schrijft vaker over iconografische thema’s in de beeldende kunst. Kijk ook op www.xs4all.nl/~schuffel. Marga Haas is eindredacteur voor FIER.